Angst – Tandartsenpraktijk P.C. Sanders & mw. M.A. Vogels – Laren

Angst

Angst

Auteur Prof. Dr. A. De Jongh

Angst voor de tandheelkundige behandeling is een wijd verbreid en diepgeworteld fenomeen. Maar liefst 40% van de Nederlandse volwassenen zegt bang te zijn om een tandarts te bezoeken. Zo’n 12% van de bevolking moet zelfs als zeer tot extreem angstig worden beschouwd en 800.000 Nederlanders zijn zelfs zo bang voor de behandeling dat zij niet meer durven te gaan. Gelukkig lijkt de angst bij de Nederlandse kinderen minder groot te zijn. Onderzoek laat zien dat ongeveer 15% bang is voor een behandeling en dat 6% extreme angst vertoont.Als mensen het tandartsbezoek uitstellen kan het dan niet anders dan dat mensen problemen krijgen aan tanden, kiezen en het tandvlees. De oorzaken van deze angst kunnen heel verschillend zijn en zijn meestal terug te voeren naar de jeugd. In veel gevallen heeft men het nodige te verduren gehad bij de (school) tandarts. In andere gevallen is de angst ‘afgekeken’ van de ouders of afkomstig van sterk overdreven ‘griezelverhalen’ op school. De meeste mensen die tegen een tandartsbezoek opzien gaan gelukkig wel. De angst richt zich dan vaak op (het geluid van) de boor. Anderen zijn bang voor de pijn en denken voortdurend dat zenuw of tong doorboord gaat worden.

Tips om angst al vroeg te voorkomen

Tips voor mensen met angst die wel durven

Tips voor mensen met angst die niet durven

De volgende tips worden door het Ivoren Kruis gegeven in de folder ‘bang bij de tandarts’

Wat je zelf kunt doen om minder angstig te zijn

Wat je de tandarts kunt vragen om angstgevoelens te beperken

Je kunt de tandarts het volgende vragen:

Verdoving en kalmering

Als de tandarts iets moet doen wat pijnlijk kan zijn, zal hij in de meeste gevallen eerst voorstellen om te verdoven. De verdoving bestaat uit een klein prikje, waarna je meestal geen pijn meer voelt. Voel je na de verdoving toch pijn zeg dat dan meteen. De tandarts kan dan nog een beetje extra verdoven. Als de verdoving eenmaal werkt, voelt je wang of lip vaak dik aan en heb je het gevoel dat je moeilijker kunt praten en eten of drinken. Dit gevoel verdwijnt weer nadat de verdoving is uitgewerkt, meestal één of enkele uren na de behandeling. De tandarts kan de plek waar de verdoving gegeven wordt iets minder gevoelig maken met een zalfje.

Sommige tandartsen werken met lachgas. Lachgas veroorzaakt een gevoel van ontspanning en neemt daardoor veel angstgevoel weg. Het lachgas wordt toegediend via een neuskapje. Je moet dan dan ook goed door je neus in- en uitademen. Lachgas mag overigens niet worden gebruikt in de eerste drie maanden van de zwangerschap en je mag pas een half uur na de behandeling weer deelnemen aan het verkeer. Als jouw tandarts geen lachgas gebruikt, kun je vragen of hij je wil doorverwijzen naar een tandarts die dat wel toepast.

De tandarts kan ook een kalmerend medicijn voorschrijven, dit wordt premedicatie genoemd, een veel gebruikt middel is dormicum. Niet alleen merk je veel minder van de behandeling, maar je herinnert je er achteraf ook minder van. Sommige mensen blijven echter angstig, ook al gebruiken ze lachgas of een medicijn. In het geval van extreme angst voor de tandarts is er nog een mogelijkheid om je te laten behandelen onder narcose. Je bent dan volledig ‘weg’ zodat je niks merkt van de behandeling, dit kan gebeuren in ziekenhuizen, maar ook sommige tandheelkundige klinieken gebruiken een variant van narcose, dit wordt intra-veneuze sedatie genoemd.